Image Een jonge gehandicapte die kán werken, moet vanaf 2010 een baan accepteren, heeft het kabinet besloten.
Aan de jongeren ligt het niet, zegt reïntegratiebedrijf Bureau Arbeid in Rotterdam, dat autistische en dove mensen aan een baan helpt. Het ontbreekt aan werkgevers die met een gehandicapte in zee durven. Je bent jong en kunt niet zo gemakkelijk praten omdat je doof bent, of autistisch. Maar je wilt wel wat met je

leven. Werken, geld verdienen, op jezelf wonen, uitgaan, met vakantie, kinderen ooit, misschien.

Reïntegratiebedrijf Bureau Arbeid, in Rotterdam gevestigd aan de Westblaak, maakt er een sport van zoveel mogelijk mensen met zon ‘communicatiehandicap’ aan de slag te krijgen. Met succes. In 2007 werden 143 kandidaten in het hele land aan het werk geholpen. Onder hen zijn veel jongeren met een Wajong-uitkering.

Het kabinet wil jonggehandicapten die kúnnen werken, in 2010 verplichten aan de slag te gaan, heeft het onlangs aangekondigd. Bij Bureau Arbeid valt die annonce verkeerd. ,,Aan de jongeren ligt het niet,’’ zegt teamcoach Marca van der Schelling van Bureau Arbeid. ,,Ze willen allemaal dolgraag werken. Er zijn namelijk heel veel jongeren die meer in hun mars hebben dan de sociale werkplaats, waar ze met behoud van uitkering werken. Het probleem is echter dat slechts heel weinig bedrijven met jonge gehandicapten aan de slag durven gaan. Dáár zou minister Donner iets aan moeten doen.’’

Vraag niet aan Cliff Meyer (23) of hij al zijn hele leven doof is. ,,Niet doof. Slechthorend!’’ En nee, dat is hij nog niet zijn hele leven. Als kind van drie jaar werd hij ziek en verloor grotendeels zijn gehoor. Cliff ging tot zijn twintigste naar het speciaal onderwijs. Maar toen was het klaar. Twee jaar zat hij thuis, een korte periode had hij een oersaai baantje, op een plek waar ook veel verstandelijk gehandicapten werken.

Zijn ‘jobcoach’ Ingrid Hage en zijn school introduceerden hem september vorig jaar bij Verti, een kozijnenfabriek in Bergambacht, waar dagelijks zon tachtig noeste kerels tussen de 120 en 150 kozijnen in elkaar timmeren. Cliff werkt er vier dagen per week. Een dag per week gaat hij naar het Effatha college in Zoetermeer. Daar leert hij voor assistent houtbewerking.

Cliff, wiens vader timmerman is, heeft het enorm naar zijn zin. ,,Het is leuk, afwisselend werk. Een mooi bedrijf, fijne sfeer. Mijn collegas gaan goed met me om. Sommigen spreken een klein beetje gebarentaal. En het geld! Mijn uitkering zou na mijn 23e voor altijd gelijk blijven. Hier verdien ik meer,’’ somt hij op.

Verti is op zijn beurt blij met Cliff. Al was het wel even wennen. Want Cliff was niet gewend aan een baan. ,,Op een gegeven moment hingen er geen kozijnen meer om af te werken. Toen dacht hij: het werk is kennelijk klaar, ik kan naar huis,’’ vertelt coach Ingrid. Zijn chef, voorman Bas van Randwijk, kan er nog om lachen. ,,Ik maakte me oprecht bezorgd over hem. Maar hij heeft er inmiddels ontzettend veel bijgeleerd.’’

Lonkt een vaste baan? ,,Als hij zich zo blijft ontwikkelen, denk ik dat dat wel goed komt.’’

Ingrid bezoekt Cliff om de twee weken in de werkplaats om te zien of alles goed gaat. Ze gebruikt zogeheten ‘ondersteunende gebaren’ en kan hem waar nodig opdrachten uitleggen. Ze zoekt ook uit of werkgever en Cliff elkaar goed begrijpen en of er problemen zijn. ,,Een werkgever moet best wat extra tijd en aandacht investeren in iemand als Cliff. Dat doen ze hier bij Verti geweldig.

Bron: www.ad.nl